Van heimelijke rebel tot practivist

Ben jij er ook één, een heimelijke rebel? Zo iemand die vindt dat er hoog nodig ‘iets’ moet gebeuren en meer wil doen dan weinig of geen vlees eten, plastic bannen en minder vliegen,  maar zich hopeloos vast voelt zitten in de schijnbaar onveranderbare werkelijkheid van luchtvervuiling, plastic soup en andere horror? 

Dan heeft de Nederlandse kunsthistorica Eva Rovers in ‘Practivisme – een handboek voor heimelijke rebellen’ 8 strategieën voor je klaar om jezelf van heimelijke rebel tot (pr)activist om te turnen en je huiskameractivisme samen met anderen om te zetten in openlijke opstand.  

Dit zijn ze in het heel kort:

  1. Durf te denken
  2. Word boos (en heb lol)
  3. Maak een plan
  4. Doe moeite
  5. Doe het samen
  6. Val op
  7. Wees geweldloos
  8. Durf te doen

Het begint met zelf denken. We zijn ons er doorgaans niet van bewust, maar eigenlijk denken we vaak als ‘consumens’. We verzetten ons er niet tegen dat we voortdurend met reclame worden gebombardeerd, dat toestellen steeds sneller stuk gaan en er van ons wordt verwacht dat we constant bereikbaar zijn. Om maar enkele voorbeelden te geven. We merken niet meer op dat dit alles past in een ideologie omdat we het meestal vanzelfsprekend vinden.  Eigenlijk houden we zo onszelf onder de duim.

Ten tweede is voor activisme verontwaardiging nodig, of zelfs woede. Eva Rovers ziet woede als een positieve kracht die je boven jezelf kan doen uitstijgen , je vastberaden maakt en je creativiteit aanboort, op voorwaarde dat je niet aan één stuk door woede wordt gedreven en ook nog plezier en humor hebt. Een doorgewinterde activist adviseert ’50 % principes en 50 % lol’ als buffer tegen burn-out die bij langdurig activisme op de loer ligt.

Een activist heeft best ook een solide plan. Soms lijkt het alsof een actie spontaan uit de lucht komt vallen, maar is dat helemaal niet het geval. Rovers geeft hierbij als voorbeeld de Amerikaanse Rosa Parks die in 1955 in een gesegregeerde bus weigerde haar zitplaats af te staan aan een blanke. Het kwam over als een spontane daad van verzet, maar Parks was al jaren actief binnen de Afro-Amerikaanse burgerrechtenbeweging en de busboycot die volgde had niet kunnen plaatsvinden als er niet al lang daarvoor stevige netwerken waren uitgebouwd voor onderlinge solidariteit.
Activisten doen er dus goed aan niet zomaar spontaan de straat op te stuiven zonder eerst een strategie uit te werken
.

In ‘Doe moeite’ heeft de auteur het over activisme via sociale media, het zogenaamde ‘clicktivisme’. We vinden onszelf al flink geëngageerd als we een online petitie tekenen of onszelf onder een hashtag scharen, maar de impact daarvan is niet altijd erg groot. Soms heeft het alleen een feelgood-factor die snel weer wegebt. Er is dus meer nodig: live actie voeren, opiniestukken schrijven, je kwestie op de politieke agenda proberen te krijgen.

Eva Rovers pleit ook voor meer samenwerking. Verschillende groepen kunnen beter hun gemeenschappelijke deler zoeken en samen voor een zaak opkomen dan elk op hun kleine stukje van het terrein te vechten. Ze heeft het dan over samenwerkingen van gewone burgers met mensen van gevestigde organisaties en vakbonden, van zogenaamde NIMBY’s (Not In My Backyard) en activisten die meer dan hun eigen lokale belang verdedigen. 

Verder wordt nog het belang onderstreept van opvallende en ludieke actie om (media)belangstelling te wekken en gaat er een hoofdstukje over geweldloosheid. Geweldloos verzet blijkt meer kans op slagen te hebben omdat het een groter draagvlak creëert en omdat een overheid die geweldloosheid met geweld beantwoordt veel krediet verspeelt.  

Tot slot doet Rovers een oproep voor moed, de pure moed om letterlijk naar buiten te komen en tegenkanting te trotseren in plaats van te blijven zeggen ‘We zouden echt iets moeten doen’.

‘Practivisme’ is een dun en bevattelijk boekje met veel concrete voorbeelden zodat het vlot leest. Minpunt: een Nederlandse auteur die in het Nederlandse taalgebied publiceert moet zich ervan bewust zijn dat er behalve het eigen vaderland ook nog zoiets bestaat als Vlaanderen en dat daar ook wel eens wat gebeurt op het vlak van activisme. Enige moeite om aansprekende voorbeelden uit Vlaanderen op te nemen zou een meerwaarde zijn geweest voor elke lezer. 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *