Het composttoiletverhaal van Marc: van eerste experiment tot workshopgever

Voor Marc ging de bal aan het rollen toen hij vele jaren geleden in contact kwam met de transitiebeweging en permacultuur. Op zoek naar informatie over composttoiletten stuitte hij op ‘The Humanure Handbook’ van Joseph Jenkins.Hij raakte in de ban en bouwde zijn eigen toilet. Intussen staat hij een aantal modellen verder, geeft hij binnen Villa VanZelf regelmatig infosessies en bouw-workshops en heeft hij de eerste ervaringen opgedaan met het installeren en beheren van composttoiletten op festivals. Hieronder lees je zijn verhaal.

Compost is voedsel voor de aarde. Compacter kan ik de definitie van compost niet maken. Ik kan er nog aan toevoegen dat de aarde altijd honger heeft. Vooral sinds de industrialisering van de landbouw zijn we de aarde genadeloos aan het uithongeren. Compost is niet zomaar een meststof, het is geen extraatje dat je sporadisch aan de bodem toevoegt, het is wel een noodzakelijk bestanddeel van de bodem, planten hebben het nodig om te groeien. Je kan er dus niet genoeg van hebben, het levert vele voordelen op als je zelf composteert en van je afval een grondstof maakt. Composteren is niet moeilijk, je kan het leren van je buur, van de compostmeester in je buurt, of via een cursus van je lokale Velt-afdeling. Daar leer je onder andere het verschil tussen aërobe en anaërobe compostering en het belang van een goede verhouding tussen koolstofrijk en stikstofrijk materiaal.

Ik ben nog een stapje verder gegaan met composteren en heb een composttoilet geïnstalleerd. Nu ja, veel installatie is er niet aan. Mijn eerste toilet was gewoon een gepimpte stoel waar een plastic emmer in paste (zie foto bovenaan). Voor mij mag het eenvoudig zijn, maar met wat creativiteit en handigheid kan je heel originele, artistieke of gezellige versies maken. Totaal anders dan de klassieke witglanzende keramiek-pot.

Mensen die voor het eerst kennismaken met het concept van een composttoilet vinden het vaak ‘diepgroen’, versta eco-fundamentalistisch en meer dan een brug te ver. Ik beschrijf het liever als een rechtzetting van een verkeerd idee over een gezonde leefomgeving en als een opnemen van je eigen verantwoordelijkheid. We hebben met afval een ‘uit-het-oog, uit-het-hart’-houding: zodra de vuilnisbak en gft-emmer buiten staan, of de wc doorgespoeld is, is het niet meer van ons, laat staan onze verantwoordelijkheid. Wat ermee gebeurt, gaat ons niet meer aan. We worden boos als we er nog mee geconfronteerd worden, en vinden het zelfs onrechtvaardig te moeten betalen voor vuilniszakken of een tarief aan het containerpark. Blijkbaar wordt het als een onbetwistbaar recht beschouwd om zonder limieten afval te produceren en als de plicht van de overheid om alles zo onzichtbaar mogelijk weg te moffelen.

Mijn verhaal begon grofweg een tiental jaar geleden, toen ik me verder begon te verdiepen in transitie, permacultuur en manieren om zuiniger om te gaan met wat onze aarde te bieden heeft. Dat zoet water schaars is hoef ik je niet meer te vertellen. Een bezoekje aan een waterzuiveringsstation zal je snel duidelijk maken dat vuil water weer proper maken niet makkelijk is. De boodschap is dus dat we niet te veel water gebruiken en maximaal vermijden om het te vervuilen. Ik ontdekte snel dat de grootste vervuiler en slokop van water in huis het toilet was. Ik zocht naar oplossingen op het internet en stootte in een permacultuur-forum op het “Humanure Handbook” van Joseph Jenkins. Op een grappige en vlotte manier vertelt Joe over zijn alternatief voor het doorspoeltoilet, de voordelen ervan en de waarheid over enkele vervelende mythes. ‘Humanure’ is de samentrekking van ‘human’ en ‘manure’, menselijke mest dus. Als je besluit om die menselijke mest niet meer met drink- of regenwater weg te spoelen, moet je er iets anders mee doen. Onverwerkt de straat in laten lopen heeft in de geschiedenis dramatische gevolgen gehad, dat is te vermijden. Maar het kan wel als grondstof gebruikt worden om iets geheel nieuws te creëren: compost, een volstrekt ander en bijzonder waardevol product.

Zodra ik het boek uitgelezen had begon ik eraan, ik knutselde een super-eenvoudig toiletje met recup-materialen en sindsdien gebruik ik bijna uitsluitend een composttoilet. Een compostbak had ik al in de tuin voor ons keukenafval. Mensenmest composteren bleek niet moeilijker dan keukenafval composteren, integendeel eigenlijk, want het is minder bewerkelijk. Stro en zaagsel waren makkelijk te vinden in de buurt.

Ik was aanvankelijk wat terughoudend om volle emmers in de compostbak te legen, maar ik wende er snel aan. Nu is het allemaal routine geworden. Resultaat: ons hele gezin van 5 gebruikt een composttoilet en ik gebruik enkel nog wat regenwater om de emmers schoon te maken. Elk jaar heb ik verse, fris naar bosgrond ruikende compost voor de moestuin. In tegenstelling tot de mythes die daarover circuleren is deze compost ook 100 % veilig, want elke echte of ingebeelde ziektekiem die in menselijke mest kon zitten is dood en mee gecomposteerd. Ook onkruidzaden van gewiede planten of zaden die met de wind zijn meegewaaid maken geen kans in de compostbak, want ik dek hem goed af met een dikke laag stro. In het midden van de compost stijgt de temperatuur tot boven 40°C elke keer als er nieuwe emmers ingaan. Met een speciale thermometer hou ik die temperatuur geregeld in het oog voor een ideale compostering. De geproduceerde hitte, in combinatie met een jaar rustig laten composteren, is voldoende om elk risico uit te sluiten. Ik ben nu ook zeker dat mijn afval niet ongefilterd in de beek, rivier of uiteindelijk de zee terechtkomt. En er is geen energie verloren gegaan aan het zuiveren van mijn afval, behalve mijn eigen menskracht. Overstappen naar een composttoilet lijkt een grote stap om te zetten, maar het is allemaal niet zo anders als een gewoon toilet, en de voordelen zijn groot!

Mijn enthousiasme over compost-toiletten en mijn overtuiging dat het een belangrijke schakel is in het drastisch verminderen van ons waterverbruik en het aanleren van een voor onszelf en de planeet gezondere levensstijl bracht me ertoe om workshops te geven. Ik wil mensen er zoveel mogelijk toe brengen zelf met een composttoilet te starten. Met alleen theoretische kennis doorgeven lukt dat niet. Daarom heb ik er een hands-on sessie aan gekoppeld waarbij deelnemers die dat willen zelf een composttoilet kunnen bouwen. Het model is geïnspireerd op het eenvoudige maar uitstekend werkende systeem dat Joe Jenkins beschrijft in zijn ‘The Humanure Handbook’.

Als je wil, kan je mijn workshops botweg pis- en kak-evenementen noemen. Ik leg alles uit wat de potentiële gebruiker zeker moet weten over het composttoilet, van infrastructuur en afdekmateriaal tot gebruik en opvolging van het composteerproces. Geregeld ontstaat een uitgelaten sfeertje op momenten dat taboes werden doorbroken en er, nog ietwat schuchter, over pis en kak, stront en zeik wordt gediscussieerd. Het heeft iets bevrijdends om die woorden die we toch een beetje als ‘niet netjes’ ervaren luidop in een veilige context te kunnen uitspreken. Daarom hou ik aan het begin van elke workshop een taboespelletje. Als je wil weten hoe dat gaat, moet je zelf maar een keer een workshop bijwonen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *