Wild land / De terugkeer van wilde dieren – Paul Cobbaert

‘Wild Land’ opent met een dubbelontmoeting: in de IJzermonding in Nieuwpoort staat Paul Cobbaert op één en dezelfde dag oog in oog met een zeehond en een velduil. Al heeft hij eerder olifanten gespot in Sri Lanka en jachtluipaarden in Tanzania, de confrontatie met wilde dieren in eigen land laat hem niet meer los. Een project is geboren: een jaar lang België doorkruisen op zoek naar wilde dieren. Welke zijn er allemaal, waar leven ze en kan hij ze fotograferen. De opzet: schoonheid tonen en laten zien dat we niet naar exotische oorden hoeven om fascinerende dieren te ontmoeten.

 

‘Wild land’ is opgebouwd uit drie grote delen: het eerste beschrijft de succesvolle terugkeer van wilde dieren naar ons land, het tweede bestaat uitsluitend uit foto’s, het derde geeft een vooruitblik op het wilde land dat België met de juiste aanpak opnieuw kan worden. De auteur haalt z’n mosterd bij de grote Sir David Attenborough en zijn pleidooi to rewild the world. Cobbaert vat het samen als: méér natuur creëren, méér dieren redden, beter samenleven.

In de jaren ‘70 was België een ‘verlaten land’. De visie op dieren was dat ze ofwel nuttig moesten zijn (temmen dus) ofwel schadelijk waren (vernietigen dat gespuis). Leefgebieden werden verstoord, er werd ontbost, bejaagd, vervuild en kwistig zware pesticiden gebruikt. De jaren ‘80 vormden een kantelpunt: de pesticide DDT werd verboden, dieren werden niet langer als concurrenten voor voedsel gezien en het besef hoe belangrijk biodiversiteit is, groeide. In 1992 kwam het eerste biodoversiteitsverdrag tot stand op de Top van de Aarde in Rio de Janeiro. Al gauw volgde er Europees beleid: een vogelrichtlijn, een habitatrichtlijn, bescherming van gebieden onder de benaming Natura 2000. Dat wil niet zeggen dat het op alle vlakken goed gaat met onze wildlife. Insecten en landbouwvogels blijven zware klappen krijgen en meer dan één op drie van de ongeveer 36.300 waargenomen soorten in België is zeldzaam of in zijn voortbestaan bedreigd.

Anderzijds zijn er opmerkelijke successen. Paul Cobbaert vertelt er verhalen over die aanstekelijk, vermakelijk, maar soms ook pijnlijk zijn. In 1993 winnen twee jongens van Natuurpunt het pleit van vastgoedbonzen die in de Ijzermonding – voormalig militair terrein – een vakantiepark willen opzetten. ‘Plan Zeehond’ krijgt politieke steun en de Ijzermonding wordt beschermd. Vanaf 2003 keren er effectief zeehonden terug.

De campagne ‘Welkom Wolf’, gestart in 2011, wordt in 2018 bekroond met de aankomst van wolvin Naya. In die periode wordt een pakket met twee kogels zwaar kaliber onderschept in een postkantoor. Het is geadresseerd aan Jan Loos, één van de grootste wolvenkenners van Europa. Terwijl een deel van de bevolking de terugkeer van de wolf toejuicht en wetenschappers het erover eens zijn dat het een goeie zaak is voor ons ecosysteem, beweren anderen dat Loos hoogstpersoonlijk de eerste wolf zelf heeft losgelaten in Vlaanderen. Naya, uitgerust met een zendertje, verdwijnt van de radar en wordt nooit teruggevonden, maar er komen andere wolven en de terugkeer in onze contreien lijkt intussen definitief. Een hele evolutie: in de late Middeleeuwen  werden wolven opgehangen en geëxecuteerd, soms zelfs aangekleed als mensen, in de 19e eeuw waren ze in België helemaal uitgeroeid. Nu staan er zware boetes en straffen op het doden.

In tegenstelling tot de wolf werd de bever dan weer wel door de mens zelf uitgezet in België. Het verhaal over tientallen illegale bevertransporten uit Duitsland en de hetze die ontstond toen dat aan het licht kwam, levert een paar spannende pagina’s op. En het lijstje met dieren die een comeback maakten in ons land is nog veel langer: van oehoe tot otter, van wilde kat tot aalscholver. Intussen is België al lang geen verlaten land meer. Het brengt Paul Cobbaert ertoe om onze eigen Big Five van iconische wilde dieren samen te stellen: de wolf, het edelhert, de zeehond, de vos en het everzwijn. In het laatste hoofdstuk droomt hij over nog meer terugkeerders: de goudjakhals, de visarend en zelfs de wisent en de Europese bruine beer. Onrealistisch? Blijkbaar niet.

‘Wild Land’ surft duidelijk op dezelfde golf als de succesvolle film en serie ‘Onze natuur’ van Pim Niesten. Anders dan Niesten, die marien bioloog én professioneel filmmaker is, is Paul Cobbaert politiek journalist en amateurfotograaf. Dat levert een vertelstijl op die tegelijk informatief en anekdotisch is. Cobbaert heeft zich uitstekend gedocumenteerd en laat allerlei deskundigen aan het woord, waardoor het boek nergens saai wordt. Het fotomateriaal heeft niet de perfectie van typische wildlife-foto’s, maar is treffend en realistisch . Opmerkelijk: Cobbaert nam alleen foto’s op van dieren die hij zelf effectief heeft gezien. Daarom vind je geen foto’s van otters en lynxen in dit boek, hoewel ze in België voorkomen. Misschien is dat wel de grote verdienste van ‘Wild Land’: in zijn bescheiden opzet maakt het boek het Belgische wildleven heel ‘aanraakbaar’. Het geeft je het idee dat je geen wetenschapper of expert hoeft te zijn om de schoonheid van wilde dieren live te zien, maar dat het volstaat om met een gezonde dosis nieuwsgierigheid, het nodige respect en veel geduld de natuur in te trekken. Dat is ook dan ook precies wat Paul Cobbaert beoogt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.